Tagarchief: stamppot

Saag met dhal en 6 andere ideeën met raapsteeltjes

Een van de fijnste dingen aan meeëten met de seizoenen vind ik dat er zoveel meer te genieten valt.  Aardbeien? Asperges? Ja, heerlijk! Maar als je vooral seizoensgroenten eet heb je die momenten tig keer per jaar. De eerste boontjes in de zomer. Het moment dat de peterselie eindelijk hard genoeg groeit om ervan te kunnen plukken. De eerste kersen, peren, pompoenen. In de zomer courgettes, aubergines en de overvloed aan tomaten.  En nu, zo half maart: het moment dat er weer raapsteeltjes zijn. Een prachtige bos heldergroene blaadjes die me vertelt dat de lente er nu echt, echt, echt aankomt. Hoera! 

raapsteeltjes

Raapsteeltjes zijn nabije familie van de koolraap, meiraap, knolraap en Chinese kool. De jonge blaadjes smaken vrij zacht, niet dat scherpe dat rauwe kool wel kan hebben, en ze zijn heerlijk knapperig. Idealiter koop je ze met de worteltjes er nog aan. Als je ze dan in een glas water bewaart blijven ze in de koelkast een aantal dagen vers.  

Hoe eet je raapsteeltjes? Ik eet ze zo, uit de hand: de bos raapsteeltjes is net zo min veilig voor me als het schaaltje paaseitjes. Maar je kunt er natuurlijk ook mee koken. 

1. Slaatje met raapsteeltjes

Natuurlijk mag salade met raapsteeltjes niet ontbreken in dit lijstje. Raapsteeltjes gaan goed samen met stevige smaken, en zijn lekker in een salade die je oppept met bijvoorbeeld olijven, pittige kaas of vis. Hier vind je een aardig recept met ansjovis en eieren (fijn voor overgebleven paaseieren). Vooruit: nog een, met aardappel en broodsoldaatjes.  Ik maak salade meestal met wat ik maar in huis heb, in deze tijd van het jaar wordt dat bijvoorbeeld een combi met kiemgroente (daar schreef ik vorige week ook al over) , rauwe wortel & dito prei, en gerookte makreel. Beetje citroensap erover, wat zout en peper – klaar! Of combineer de raapsteeltjes met een kliekje koude ovengeroosterde pastinaak of pompoen. 

2. Raapstelenstamppot

Een klassieker. Ik schreef laatst al over stamppot met rauwe postelein, en ook raapsteeltjes zijn verrukkelijk in de stamppot. Basisversie: maak puree, en schep er de gewassen en fijngesneden rauwe raapstelen door, zoveel als je lekker vindt. Eet met spekjes, nootjes en/of kaas. Hier staat een recept. 

Als je minder aardappels wilt gebruiken kun je natuurlijk de puree ook maken van andere wortel- en knolgroenten. Wortel, pastinaak, koolraap – gaat prima. Hier een recept voor raapstelenstamppot met knolselderij. Alleen, let op: in dit recept wordt de knolselderij met een staafmixer gepureerd. Dat kan prima, maar dan moet je de aardappels en de knolselderij apart koken. Als je namelijk aardappels pureert met een staafmixer dan gebeurt er iets naars met het aardappelzetmeel en krijg je een soort behangplaksel. Ik zou gewoon de stamppotstamper pakken. 

Ik vond ook nog een aardig recept met voor stamppot-raapsteeltjes met witte bonen, wortel, citroen en sardientjes. Ik heb ‘m nog niet gemaakt, maar dat ga ik binnenkort wel doen.

Even over melk en melkvervangers: recepten voor stamppotjes zijn vaak met melk. En dat is prima, en lekker. Maar als je nou geen melk lust, wilt of verdraagt (of als hij gewoon op is) dan hoef je niet per se naar de plantaardige melkvervangers te grijpen. Gebruik gewoon een scheutje kookvocht. Gaat prima, en een deel van de vitamines die tijdens het koken zijn verhuisd van de groente naar je eten komt toch weer in je maaltijd terecht. Win-win! 

3. Snel raapstelenroerbakje

Supersnel en heel lekker is het om de raapstelen te roerbakken (in een koekenpan, of in de wok), bijvoorbeeld met knoflook en wat chiliflakes. Breng op smaak met zout en een drupje citroensap.

Gebruik wat meer boter, en schep een ei door de raapstelen en je hebt lunch: roerei met raapstelen. 

4. Raapsteeltjes met pasta

Ook lekker: die geroerbakte raapsteeltjes met een extra lik pesto door de pasta scheppen. Recept van Koken met Karin. Of je maakt pesto van de raapsteeltjes (recept van Michiel Bussink) en laat het roerbakken zitten. Ik zou dat zelf combineren met een salade (en misschien een stukje vlees of vis). 

5. Raapsteeltjesquiche

En als we dan toch bij Michiel Bussink zijn: hij schreef voor consumindertijdschrift Genoeg ook een fijn recept voor pittige linzenquiche met spinazie en raapstelen (even doorscrollen naar beneden). Want alles kan in de quiche, dus ook raapsteeltjes. Als je raapsteeltjes en ander groen gebladerte in je quiche doet moet je ze van tevoren wel even garen (roerbakken, stoven, etc.). Rauw blad bevat ontzettend veel water, dat wil je kwijt voor het de taart ingaat want anders wordt je deeg te nat en niet gaar. Lees hier hoe je zelf een quiche bij elkaar verzint. 

6. Gestoofde raapstelen

En als je nou helemaal trendy wilt zijn doe je wat je oma deed en kook je de groente helemaal dood. Echt waar, lees maar: hier bijvoorbeeld en dit ronduit lyrische verhaal van Janneke Vreugdenhil in NRC. Niet in een plens water, maar anderhalf, twee uur of langer in een gietijzeren pan op een lage temperatuur in de oven (120 graden, zoiets). Vet en smaakgevers erbij (ansjovis, knoflook, chili etc.), en wachten maar. Ideaal eten voor in het weekend of voor thuiswerkende ZZP-ers, de plantaardige variant van stoofvlees. En maak dan vooral extra, want wat er over is is natuurlijk goddelijk in een quiche, omelet, of op een boterham. Ja, echt. Gare groenten op brood zijn da bomb hier in huis. Nou ja, bij mij. De huisgenoten zijn nog niet helemaal overtuigd 😉

groene blaadjes op brood

Overigens: een half uurtje á drie kwartier op het fornuis doet ook al wonderen. Dat deed ik voor de saag (zie hieronder) met uiterst tevredenstemmende resultaten. En ik ben heel benieuwd of dit ook zou werken in een hooikist, dan is er minimaal gas of elektra nodig. 

6. Indiase raapstelen: mijn draai aan sarson ka saag

Saag is een gerecht uit India, specifiek uit de Punjab, een provincie in het noorden. Het is in basis een gekruide puree van bladgroenten en uien. Die maak je ook prima met raapsteeltjes (sarson ka saag). Ik schreef er een apart stukje over, waarmee ik de nieuwe serie blogjes “koken met concepten” aftrap. Hier lees je meer over saag, en hier vind je wat uitleg over koken met concepten. Wij aten ‘m met dhal (linzenpuree) en rijst. Dat was best fijn. 

sarson ka saag van raapsteeltjes

 

 

 

Lentestamppot en 6 andere gerechten met postelein

Lentekriebels hier: ik heb zo’n zin in groene blaadjes! Wintergroenten zijn heerlijk, maar ik kan intens gelukkig worden van lentespinazie en de eerste raapsteeltjes. In afwachting daarvan is er gelukkig toch al wel het een en ander te plukken in m’n tuin. De barbarakruid weet van geen ophouden, de zuring en hondsdraf maken alweer vers blad, en een vriendin wees me op klein veldkers tussen de crocussen. Smaakt ongeveer als waterkers, maar is veel kleiner. Ik ben dol op sla die je niet hoeft te kopen of te zaaien 😉 En gelukkig is er ook nog steeds postelein, die ik gewoon per ons kan aanschaffen bij de Ekoplaza of direct bij de boer via mijn streekkruidenier

postelein

Er zijn twee soorten postelein, zomer- en winterpostelein. Ik heb het nu over winterpostelein, Claytonia perfoliata (maar als je hoogzomer stamppot wilt maken met zomerpostelein: dat gaat prima). Voor de volledigheid: de officiële naam van zomerpostelein is Portulaca oleracea. Dat u het weet.

En als ik dan toch aan het uitleggen ben: natuurlijk zijn er tegenwoordig mensen die beweren dat postelein een superfood is. Helaas: alleen als je het vergelijkt met een witte boterham of zo. Ja, er zit per calorie veel vitamine C, kalium en fosfor in, maar die hoeveelheden zijn vergelijkbaar voor broccoli en spinazie. Hoe ik dat weet? Dankzij de voedingswaardetabel. Wat trouwens ook niet waar is: dat je voorzichtig moet zijn met nitraathoudende (blad)groente. Nergens voor nodig, het oude advies van niet-vaker-dan-twee-keer-per-week is achterhaald. Lees hier de info van het Voedingscentrum.  

Laatste weetje: heb je de groene blaadjes in het logo van Alles zelf maken gezien? Juist: dat is postelein. Tijd voor een paar recepten! 

potje op krijt

1. Posteleinsalade

Postelein vind ik rauw of bijna rauw het lekkerst, dus eerst maar eens een salade. Ik combineer het in deze tijd van het jaar graag met wortel en fijngesneden kool. De salade op de foto is afgemaakt met pompoenpitjes, sesamzaad en rozijntjes, met een beetje citroensap, drupje sesamolie, en wat zout. Verse salade, in februari. Met seizoensgroente uit de streek. Ha.

(In gedachten maak ik even een lange neus naar Albert Heijn, die zoete aardappel uit de VS verkoopt als seizoensgroente ‘vers van het land’. Nieuwsgierig? Dat verhaal lees je hier.)

postelein-sla

Rauwe postelein is vrij knapperig, en combineert daarom erg goed met dingen die een zachte structuur hebben. Peulvruchten bijvoorbeeld. Of gebakken champignons. Zoals deze salade: knoflookchampignons met gekookte linzen, venkel en postelein (en wat tomaat, maar daar kun je zonder.) En… (tromgeroffel) zelfgemaakte bitterballen van een kliekje wortelstamppot. Ja, echt. Vet hé. 

bitterballen-van-wortelstamp-met-posteleinsalade

2. Als bijgerecht, met spekjes en prei

Dit is een winner. Bak een paar spekjes. Lekkere, dat is essentieel – niet dat zoute spul met rookaroma waar het water uit loopt als je het verhit. Pancetta van de slager is ook lekker, maar komt uit Italië. En we hebben hier in Nederland 12 miljoen varkens. Waarom zou je dan Italiaans spek eten? 

In ringen gesneden prei erbij, laten stoven tot de prei gaar is, zacht en zoet. In een schaal, of op je bord, omscheppen met rauwe postelein. 

Op de foto met feta, Arabisch flatbread (van de Turkse super in dit geval), bietenhumus en geprakte wortel naar een recept van Yotam Ottolenghi. Zelfde recept, andere invulling: het postelein-preimengsel door gare pasta scheppen met een scheutje room en geraspte oude kaas. 

postelein met worteldip, prei en humus

3. Door de soep

Traditioneel werd van de eerste lenteblaadjes een kruidensoep gekookt. Coquinaria, een heerlijke site met historische recepten, geeft een negentiende-eeuws recept met postelein. Zelf at ik ooit een soep die nog het meest lijkt op dit recept – maar in de praktijk maak ik meestal een rondje-door-de-koelkast-soep waar ik op het allerlaatste moment, dus als het al in de kom zit, groene blaadjes doorheen schep. Postelein, snijbiet, rucola, raapsteeltjes: you name it. Linzensoep, Thaise soep met groene curry-pasta en champignons, knolselderij-pastinaaksoep: een hand groene blaadjes is altijd goed. Al is het maar voor de foto.

linzensoep

Linzensoep met snijbiet

4. Op een broodje makreel

Ik at laatst een broodje makreel en was in gedachten ineens terug bij de visboer waar ik vroeger soms ging lunchen met collega’s, een leven geleden toen ik nog een kantoorbaan had. De reclameborden aan het plafond, de ongemakkelijke caféstoeltjes, de beugelglimlach van de broodjessmerende scholier – het was alsof ik er gisteren nog was. Niet dat ze daar postelein in de broodjes makreel deden: die kwamen met mandarijntjes uit blik. Geen idee waarom mijn hoofd die link ineens legde – maar dat weet je toch nooit.

Op mijn zelfgemaakte broodje makreel zat wel postelein, een lik mayo en fijngesneden bleekselderij. En dat gaat prima samen, ook zonder broodje. Mandarijntjes kunnen erbij, maar liever nog wat sinaasappel. Of – voor de bitterliefhebbers onder ons – grapefruit. 

5. Posteleinrisotto

Ook dat kan, natuurlijk. Maak risotto, traditionele met arboriorijst en kaas, en roer er op het allerlaatst een flinke hoeveelheid fijngesneden postelein door. Schijnt ook heel lekker te zijn met brandneteltoppen. Risotto moeilijk? Welnee! Mijn stuk over risotto kun je hier lezen

6. Postelein Asian style, met noedels & kiemgroente

Kook noedels zo goed als gaar. Check de verpakking, sommige soorten moeten echt koken, andere alleen even weken. Snij een rode ui in ringen, hak een teen knoflook fijn, rasp wat verse gember. Snij wat Chinese kool fijn (of broccoli, paksoi, courgette of boontjes – net wat er aan stevige groente is.) 

Fruit ui, knoflook en gember in een hete wok. Doe de Chinese kool er bij, en een drupje sojasaus. Roerbak kort, tot de kool bijna beetgaar is. Schep de noedels erdoor en bak nog even mee. Schep van het vuur af de postelein en een hand kiemgroente erdoor en breng op smaak met sojasaus, citroensap en als je het in huis hebt mirin, zoete Japanse rijstwijn. 

Even over kiemgroente: ik vind die leuk. Tuinieren op je aanrecht is het, magie onder een theedoek. Hoe een handvol droge zaden in een paar dagen een levendige boel wordt. Prachtig. En voor de alfalfa-haters: de andere soorten zijn lekkerder. Echt.

Maar die lentestamppot dan? 

Dat recept zette ik in 2012 al eens op het blog, dat toen nog “Mama kookt” heette en zo ongeveer 5 lezers had. Je kunt het hier nalezen. Ik maak ‘m nog steeds zo.