Posteleinsoep

Ik hou van supersimpele gerechten, van experimenten die goed uitpakken en van eten niet hoeven weggooien. Deze posteleinsoep was daarmee driedubbel bingo, ik werd er helemaal blij van. 

Het kwam zo: ik had laatst postelein over. Nogal veel postelein. Die was een nacht op het aanrecht blijven staan, omdat ik dacht: het is zoveel, dat gaan we nevernooitniet opeten, dus het moet maar op de composthoop. Snif. Want je kunt van alles met postelein, maar lang houdbaar is hij niet… En toen was daar de volgende dag die vlaag van inspiratie: posteleinsoep. Ik ben meestal geen fan van soep van  groene blaadjes – niet dat het niet lekker is, maar ik eet ze liever rauw. Zeker in dit hoera-er-is-weer-verse-sla-seizoen. 

Winterpostelein, foto via bezorgservice goudenpompoen.nl

Maar onder het motto ‘beter opeten dan weggooien’ maakte ik de volgende dag dus maar soep van mijn bergje postelein. Met enige twijfel, want ze waren niet frisser geworden van die nacht op het aanrecht. 

Overigens: kleur is een dingetje bij postelein. Zoals je op de foto ziet heeft postelein vaak wat rood-bruine blaadjes. Google kan me niet vertellen hoe het komt (misschien zijn er meelezende tuinders of moestuiniers die me dat kunnen uitleggen?) maar de grap is dat die blaadjes precies zo smaken als hun heldergroene broertjes en zusjes. Ze zijn niet verlept of zo, het is gewoon een kleurverschil. In salade vind ik het net wat minder mooi, maar in soep zie je er blijkbaar niks van terug. Die is ook zonder instagramfilter knalgroen. 

Recept posteleinsoep

Nodig: een teen knof, een ui, een aardappeltje, een paar flinke handen vol postelein, een ruime pond voor 3 koppen soep. Eventueel wat bouillonpoeder*. Water, peper, zout. Een lenteuitje voor het mooi. 

Doen: Hak de knof fijn, snipper de ui, en snij het aardappeltje in kleine blokjes. Fruit alles met wat olijfolie en een snuf zout in een pan met dikke bodem tot de ui zacht is en de aardappel gaar. Was ondertussen de aanhangende aarde uit de postelein. Minimaal twee, meestal drie keer spoelen.  

Verwarm wat water in een pannetje of waterkoker (voor drie koppen soep: pakweg 600 ml.). Doe de postelein handje voor handje in de pan en laat ‘m slinken. Dit is even zoeken: je wilt de postelein niet tot snot koken, maar hij moet wel gaar worden. Wanneer alle postelein geslonken is doe je heet of kokend water erbij, en eventueel wat bouilllonpoeder. Pureer de soep met een staafmixer en breng op smaak met zout en peper. Serveer meteen, versierd met wat ringetjes lenteui. 

Je zou er wat room, crème fraîche of yoghurt door kunnen doen, maar ik vind het niet nodig: hij smaakt zo puur helemaal naar lente. Plus: hij is geschikt voor de veganchallenge – ook fijn. (Ik doe zelf nu niet mee overigens, maar als je creatiever plantaardig wilt leren koken is het zonder meer een aanrader. Ook als je niet meteen fulltime veganist wilt worden.) 


* Nog even over bouillonpoeder. Ik zou in dit recept geen bouillon van een blokje gebruiken, de hartigheid daarvan overheerst de frisheid van de postelein. Zelf gebruik ik een mix van gedroogde kruiden waar verder geen zout of andere toevoegingen in zitten, o.a. op verschillende biologische markten te koop bij Spices and more. Je zou ook wat fijngesneden selderijblad of lavas kunnen gebruiken in dit recept. 

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *